Interactie kan door het sturen van e-mail naar: jolmerwinkel@gmail.com of mij te gaan volgen op Twitter of vrienden te worden op Facebook.

donderdag 3 februari 2011

Shoot 'em Down Darrell!

Het was aangenaam vertoeven achter het donker getinte glas. De zomerzon was oppermachtig en regeerde over het landschap dat intussen een dorre aanblik verschafte.

Ik was bezig met het laatste gedeelte van een treinreis door het westen van de Verenigde Staten Het grootste gedeelte van het traject Denver-Seattle zat er op. Een paar uur nog en er zijn zo’n slordige vijfduizend kilometers door mij afgelegd in het land van de 'onbegrensde mogelijkheden'.

De trein mindert vaart ten teken dat het volgende station in aantocht is. Ik draai aan de afstemknop van mijn walkman op zoek naar een lokaal radiostation. Op zoek naar muziek nu de batterijen het vermogen niet meer kunnen leveren een cassettebandje op het juiste toerental te houden. Het restant aan energie is nog wel voldoende om nog een poosje naar de radio te luisteren. Ik zal in Seattle wel nieuwe gaan kopen.

De trein is intussen geheel tot stilstand gekomen. Het perron is leeg en ik zie ook niemand die deze plek als eindbestemming heeft en net is uitgestapt. Ik buig me voorover om iets eetbaars te zoeken in mijn reistas. Het levert een muslireep op. Als ik weer opkijk zie ik een jongeman naderen, gemillimeterd haar, strakke spijkerbroek en wit t-shirt. Ik schat hem begin twintig. Alles lijkt er op dat hij naast me komt zitten. Zijn baggage wordt in het daar voor bestemde rek gelegd. Nadat hij plaats heeft genomen knik ik hem vriendelijk toe.

Na een poosje raken we in gesprek. Hij blijkt op weg te zijn naar Seattle waar hij het weekend door wil brengen. Hij is marinier van beroep en in die hoedanigheid is hij al enkele malen in Europa geweest. Hij stelt zich voor als Darrell. We komen te spreken over verschillen tussen de Amerikaanse en de cultuur hier in het westen van Europa. Hij blijkt goed op de hoogte te zijn van dingen die in beide continenten spelen.

Op een gegeven moment opper ik dat één van de aspecten van de Amerikaanse samenleving, waarmee ik erg moeite heb, vrij wapenbezit betreft. Dat iedereen, die aan bepaalde voorwaarden voldoet, een winkel kan binnen stappen om daar een vuurwapen naar persoonlijke smaak aan te schaffen! Het bleek een schot in de roos… ik had blijkbaar een wel heel gevoelige snaar geraakt.

Hij veerde op. Zijn stem veranderde van intonatie. Het gesprek was tot nu toe in balans geweest. Om de beurt hadden we ongeveer op gelijke voet de spreektijd kunnen invullen. Maar nu veranderde hij in de leraar en ik had maar te even luisteren. Hij doseerde en ik kreeg een fikse portie ‘constitutional rights’ over me heen gegoten. Zijn oratie ging verder over recht op zelfverdediging, over ‘amendments’ die aan de basis stonden van de Amerikaanse samenleving.

Ik bleef beleefd luisteren en wachtte totdat het heilige vuur in hem wat zou gaan minderen. Maar de uitsmijter moest nog gaan komen. Op een gegeven moment draaide hij zich van mij af en mocht ik de aanblik van z’n rug aanschouwen. Zijn hand zocht de onderkant van z’n t-shirt om deze vervolgens omhoog te trekken. Het volgende moment keek ik naar een glimmend pistool opgeborgen in een fraai leren holster. Ik had dus al geruime tijd naast iemand gezeten die gewapend op stap ging. Het was de eerste keer in mijn leven dat ik mij hier werkelijk van bewust was.

Ik vroeg hem vervolgens of hij ooit het wapen had moeten gebruiken. Nee, dat bleek niet het geval te zijn. Wel verhaalde hij van een voorval in een metro-station. Hij was met een vriendin daar aanwezig en zij waren getuige hoe een groepje jongeren iemand lastig vielen. Hij sprak hen daarop aan waardoor er nu een dreigende houding richting hen ontstond.

Toen ze dichterbij kwamen en het erop ging lijken dat er werkelijk een bedreigende situatie aan het ontstaan was nam de vriendin vastberaden het woord. Ze sprak alleen maar; “Shoot 'em down Darrell!”. De jongens weifelden even en besloten om verder niets te ondernemen en kozen het hazepad. Want de kans dat er nu werkelijk een vuurwapen getrokken zou worden was reëel aanwezig.

Aan bovenstaande gebeurtenis moet ik nog wel eens terugdenken. Vooral als er weer eens een schietincident heeft plaatsgevonden in de Verenigde Staten. Als een gestoord persoon besluit het gehele magazijn leeg te vuren. Dat meestal op de eerste de beste die hij (eigenlijk nooit een zij) tegenkomt bij het betreden van een winkelcentrum, restaurant van een fastfoodketen of bedrijf waar in het verleden is gewerkt.

Verkerend in psychische nood, in een fase waarin irritatie is overgegaan in pure frustratie. Waar agressie een drijfveer wordt. Dat kan dan een uitweg vinden in het beëindigen van levens van enkele willekeurige passanten. Daar wordt later dan van gezegd dat ze slachtoffer zijn geworden van “Being at the wrong place at the wrong time”.

Wat nu als de jongeman die ik daar in die trein heb ontmoet later door bepaalde omstandigheden heel anders in het leven komt te staan? Wellicht wordt hij als militair uitgezonden naar Irak of Afganistan en maakt daar dingen mee die hem geestelijk laten wankelen. Door een economische recessie vallen een aantal schijnbare zekerheden in één keer weg. In persoonlijke sfeer vinden gebeurtenissen plaats die zijn mentale stabiliteit een flinke douw geven.

We zijn allemaal mensen, die door omstandigheden in een toestand kunnen raken waarvan we nu absoluut geen voorstelling kunnen maken. We blijken in staat te zijn dingen te gaan doen die we nu voor onmogelijk houden. De ramp is dan niet te overzien als je vrijwel altijd een vuurwapen bij je hebt en dat vervolgens een stem in je hoofd je opdraagt; “Shoot ‘em down Darrell!

Naschrift:
Twee maanden nadat ik dit publiceerde schoot op 9 april 2011 Tristan van der Vlis zes mensen en daarna zichzelf dood in een winkelcentrum te Alphen aan den Rijn. Zeventien raakten er gewond. Daarna barste de discussie los omtrent het nut van schietclubs en wapenbezit hier in Nederland.

zondag 2 januari 2011

Neal Morse (met een lokale coryfee)




Hoewel Ede niet direct als het 'culturele mekka' van midden-Nederland bekend staat kan ze aardig mee komen lijkt mij. Ik kijk dan vooral naar het gevarieërde programma dat er zo jaarlijks door o.a. De Reehorst, Cultura en Cinemec wordt aangeboden.

Verder kun je hier bekende culturele coryfeeën tegenkomen in hun dagelijkse beslommeringen. Onlangs zag ik bijvoorbeeld Hans Dorrestijn, gewapend met plastic tasje, door het centrum slenteren. Hier zou je Jan Siebelink van z’n sokken kunnen rijden als hij de hond aan het uitlaten is (dat overkwam een poosje geleden een collega van mij bijna).

Voor mij persoonlijk is de Edenaar met de hoogste culturele status een muzikant. Bij de massa geheel onbekend maar bij insiders bekend om zijn fantastisch drumspel. Ik kwam hem al eens tegen tussen de t-shirts en overhemden bij één van de plaatselijke low-budget textielboeren. Ik zei “Hallo” en noemde vervolgens zijn naam. Hij keek verbaasd op want we kennen elkaar niet persoonlijk.

Ik vertelde kort dat ik hem al twee keer live aan het werk had gezien. Dat ik normaal vooral gericht ben op wat de gitarist laat horen en zien. Maar dat hij door zijn goede drummen mijn aandacht wel erg van dat van de zes snaren had afgehouden! Hij maakte een lichte buiging en bedankte mij voor het compliment. Ik grasduinde vervolgens verder tussen het sterk afgeprijsde aanbod.

De man waar ik het over heb is Collin Leijenaar en hij speelt al weer vele jaren in de begeleidingsband van Neal Morse als deze in Europa op tournee is. Voor de CD opnames maakt Morse gebruikt van de beste muzikanten die het progressieve rockgenre heeft voortgebracht. Voor het drumwerk doet hij sinds jaar en dag beroep op wellicht wel de beste drummer ter wereld: Mike Portnoy (ex-Dream Theater).

Maar deze crème de la crème musici zijn vaak niet voorhanden (of gewoonweg te duur) voor een tournee van live-optredens en daarom heeft Neal Morse een aantal muzikanten gevonden die deze job uitmuntend ten uitvoer weten te brengen. En die komen dus 'gewoon' hier uit de regio!

Hierboven staat de trailer van de Sola Scriptura live DVD van Neal Morse. Dit fraaie conceptalbum handelt over het leven van de kerkhervormer Maarten Luther. Speel het eens af om een absolute topper in de progressieve rock te aanschouwen! Of anders... speel het eens af om te horen (en te zien) hoe een 'lokale held' de zaak aan elkaar mept! Om maar eens bij de t-shirts te blijven; een drummer met maatvoering XL.

zaterdag 1 januari 2011

Een Beknopte Bio

In 1965 ben ik geboren. In het Friese dorp Garyp kwam ik ter wereld en tot in 2001 zou het duren voordat ik elders ging wonen. Het gezin Winkel kende buiten mij nog drie jongere zussen. Vader verdiende de kost als all-round timmerman bij een bouwbedrijf in een naburig dorpje. Moeder kon zich helemaal als full-time huishoudkundig manager op de thuissituatie richten.

De plaatselijke basisschool heb ik succesvol doorlopen. Als leerling zou ik me achteraf als bovengemiddeld of sub-top willen kwalificeren. Aan het einde van deze (wel heel lange) rit lag daar het advies van de schoolleiding om verder te gaan naar de mavo/havo.

Toch maar voorzichtig begonnen aan het vervolgtraject en viel de keus op het schooltype links van de slash (/). Deze vier-jarige opleiding dan ook binnen de daar voor bestemde duur afgelegd. Het eerste jaar was trouwens als een experimentele onderwijsvorm die dan ook als 'middenschool' is doorlopen.

Hierna gekozen voor de middelbare technische school richting elektro/elektronica. Dit werd niet wat ik en de school zich erbij hadden voorgesteld. Na één jaar zijn wij dan ook alweer snel uit elkaar gegaan.

Als alternatief mij daarna aangemeld bij de middelbare agrarische school. Dit verliep voor beide partijen wel geheel naar wens en na drie jaar had ik het begeerde diploma in handen. Afstudeerrichting 'veehouderij' stond er met vette letters op vermeld.

In 1985 een vakantiebaantje geregeld bij de NTF (later Rendac) dat hoofdzakelijk slachtafval en kadavers verwerkt (ja, ja). Na negen weken was dit voorbij en lag daar op vrijdag de vraag of ik maandag voor vast wou beginnen? Met in mijn achterhoofd dat het slechts tijdelijk zal zijn toch maar mee ingestemd.

Mijn officiële werkzame periode was gestart! Jolmer is de naam... bedieningsman zijn baan! In de drie-ploegen verdiende ik nu mijn eerste geld. Ik ging vervolgens een opleiding volgen tot proces-operator met als resultaat dat ik VAPRO B op mijn c.v. mag vermelden.

Inderdaad was het allemaal tijdelijk... alleen het heeft nog wel 16 jaar geduurd. In 1999 mijn vrouw leren kennen. In 2000 getrouwd en in 2001 verhuisd naar Barneveld waar ik bij Givaudan, een producent van geur- en smaakstoffen, mijn verdere loopbaan als operator ging vervolgen.

Deze affaire zou maar kort zijn, namelijk de proeftijd. Ik stapte over naar Denka International (ook in Barneveld) waar ik voortaan in dagdienst ging werken. De werkzaamheden daar hadden te maken met het produceren van allerlei chemische bestrijdingsmiddelen. Zo'n vier jaar heeft deze relatie stand gehouden.

In 2003 vader geworden van een zoon. Deze kreeg vervolgens in 2005 een broertje erbij.

In 2006 was CSK Food Enrichment te Ede het volgende station. Het kweken van allerlei zuursels voor de produktie van kaas, kwark, yoghurts etc. stond hier op het programma. Intussen verhuisd naar Ede. Nogmaals het vaderschap mogen meemaken doordat er een dochter in dit jaar ter wereld kwam.

De dreiging dat het werken hier in dagdienst op termijn over zal gaan in een volcontinu-dienst deed mij zoeken naar een andere betrekking. Mijn oog viel op de firma Tanatex Chemicals te Ede. Operator in pure dagdienst zonder fratsen. Sinds begin 2008 zijn wij nu bij elkaar en ben ik betrokken bij de produktie van allerlei vloeistoffen bestemd voor de textielindustrie.

Wat valt er verder nog te vermelden? Aan het einde van 2009 gestart met weblog De Winkelhaak. Als schrijver richt ik me op allerhande dingen die mij bezighouden of zaken die ik gewoonweg tegenkom. Soms serieus met een iets van morele ondertoon. Soms ook humoristisch dan wel licht ironisch en een enkele keer met een flinke dosis zelfspot.

Ik ben intussen ook verbonden als columnist aan een vakblad gerelateerd aan de proces-industrie. Verder mag ik sinds april 2012 wekelijks een column voor de Edese Post aanleveren. Natuurlijk ben ik altijd op zoek om mijn lezerspubliek te vergroten. Dus wie in de gelegenheid is om mij hiervoor een podium te verschaffen mag van zich laten horen!

Een meer gedetailleerde beschrijving van mijn werk als operator en de bedrijven waarvoor ik werkzaam ben geweest is hier te vinden.

Was getekend,
Jolmer Winkel

donderdag 30 december 2010

Into The Wild



Ik kijk weinig televisie, laat staan films. Als ik kijk dan is het meestal naar iets op de publieke zenders of op de BRT. Daar stuitte ik gisteravond al zappend op een aankondiging van de film Into The Wild. Een poosje geleden had ik in het Nederlands Dagblad een artikel over deze film gelezen en besloot te gaan kijken of het wat zou zijn. Het zou uitmonden in het zeldzame gebeuren dat een film mij van begin tot einde weet te boeien.

Into The Wild is de verfilming van het gelijknamige boek van Jon Krakauer. Het is het waargebeurde verhaal van de jonge Amerikaan Chris McCandless die in plaats van de beoogde weg om naar de universiteit te gaan kiest voor een radicale wending in zijn leven. Het geld bestemd voor verdere studie geeft hij aan een goed doel en vervolgens zet hij de schaar in al z'n creditcards. Zonder iemand in te lichten laat hij alles achter zich en vertrekt.

Weg van de wereld waarin carrière maken en veel geld verdienen centraal staan. Een wereld waarin materialisme de belangrijkste drijfveer is. Weg van liefdeloze relaties, onechtheid en hypocrisie. Als hij vervolgens met zijn oude auto strandt, verbrandt hij zijn laatste geld en gaat te voet verder het grote onbekende tegemoet. En dat met één groot hoofddoel... leven in the wildernis van Alaska.

Via flashbacks geeft de film beelden van de thuissituatie, met name het slechte huwelijk van z'n ouders. Van z'n omzwervingen en enkele mensen die hij hierbij heeft ontmoet en waarmee hij vriendschap heeft gesloten. Uiteindelijk komt hij in de wildernis van Alaska terecht waarbij hij een oude verlaten bus als onderkomen betrekt. Het zal ook zijn laatste verblijfplaats worden...

Een onderhoudende film derhalve die aanzet tot nadenken (met fraaie muzikale ondersteuning van Eddie Vedder).

zaterdag 18 december 2010

Een Kleinigheidje...

Onlangs heb ik een pago gehad. Voor wie dit begrip niets zegt… het is een Periodiek Arbeids Gezondheidskundig Onderzoek. Als werknemer wordt je gezondheid weer eens onder de loep genomen. En dat kan nooit kwaad natuurlijk.

Het bestaat eigenlijk uit drie dingen. Je vult een vragenlijst in, er worden enkele metingen gedaan en er wordt wat bloed afgenomen voor verder onderzoek. Onlangs lag de uitslag van de test waarbij het rode lichaamsvocht rijkelijk vloeit op de deurmat. Daarmee was het onderzoek rond en duidelijk dat ik op alle drie onderdelen van dit medisch drieluik in orde ben bevonden. Blijdschap en tevredenheid alom dus.

Nou… niet echt moet ik bekennen. Ik kijk met gemengde gevoelens terug op het geheel want één onderdeel is voor mij zeer teleurstellend verlopen. Iets waar je op zich helemaal geen invloed op hebt maar wat toch heel gevoelig ligt. En dan met name binnen mijn familie. Ik neem u mee naar de wereld die 'kleinzerigheid' heet!

De aardige mevrouw die het onderzoek uitvoerde vroeg mij beleefd mijn schoenen uit te trekken. Zij wees naar een wand en een plek waar ik plaats mocht gaan nemen. “Rechtop staan, kin graag iets naar voren, ja… dat is goed” sprak ze nog. Ik voelde vervolgens iets bovenop mijn schedel terecht komen. Ze prevelde “één meter” en noemde vervolgens nog een getal.

En dat getal was de aanleiding tot het onbevredigende gevoel dat ik aan het gehele onderzoek heb overgehouden. Want het was twee centimeter minder dan waar ik altijd maar van uitging!

Ik was dus twee hele centimeters kleiner dan dat ik altijd heb gedacht. Dat is dus een regelrechte ramp want dit ligt, zoals ik al eerder noemde, zeer gevoelig binnen mijn familie. Hierbij kijk ik dan vooral met een schuin oog naar mijn eigen vader.

Want wat is het geval? Binnen de familie zijn we niet erg gezegend als het gaat om lichaamslengte. Vader zit in de categorie S en moeder kan met haar 1.55 meter in de klasse XS (xtra small) worden ingedeeld. Genetisch gezien zou ik hier ergens tussenin horen maar gelukkigerwijze heeft de natuur mij ongeveer dezelfde lengte als vader toebedeeld. Ik zeg ongeveer maar bedoel eigenlijk ‘ietsjes meer’ te zeggen.

Ik ben dus iets langer dan mijn vader (hoewel we klein van stuk zijn)! Maar hij is niet echt van het toegeeflijke soort en bestrijdt het bovenstaande feit dan ook te vuur en te zwaard. Hierbij gaat hij zelfs fraudeleuze handelingen niet uit de weg. Ja, u leest het goed. Toen bij de verlenging van z’n rijbewijs de persoon achter het loket bij het gemeentehuis naar zijn precieze lengte vroeg jokte hij er zomaar enkele centimeters bij!

De weinig kritische ambtenaar noteerde klakkeloos zijn antwoord in het computersysteem. En u weet hoe moeilijk het is zoiets ooit weer ongedaan te maken. Maar vader zwaait graag met het officiële document als het om de bewijsvoering van zijn lengte gaat. Tja… zo lust ik er nog wel een paar!

Bij een rechtstreekse confrontatie is hij ook nooit erg coöperatief. De ruggen tegen elkaar om te bepalen wie nu echt de ultieme winnaar is verloopt ook altijd weer moeizaam door zijn toedoen. Hij is niet alleen met mij hierover in conflict. Binnen de kring van z’n broers en zussen probeert hij vol overtuiging het ‘grootheidsevangelie’ te prediken. Ook daar stuit hij (vanzelfsprekend) op grote weerstand .

En daar nu ligt dat pago-rapport. Maar onverwachts gloort er toch nog hoop voor mij. Toen ik één van mijn naaste collega’s vertelde van het tekort aan centimeters kwam hij met een identiek verhaal. Ook hij was volgens de meting twee centimeter korter dan verwacht. Toen we later hierover met nog een andere collega kwamen te spreken hoorden we ook hier dezelfde ervaring.

Kortom, het lijkt er verdacht veel op dat niet krimping maar een foute meting bij de arbo-dienst aan de basis staat van de ‘verdwenen’ lengte. We zijn nu bezig in hoger beroep te gaan en onze advocaat eist binnenkort een herijking van de gebruikte meetapparatuur. Tot die tijd maak ik gebruik van zwijgrecht en doe verder richting mijn vader geen enkele mededeling meer over deze gevoelige zaak. Twee centimeter, een kleinigheid maar toch…

Met vriendelijke groet,
De grootste van de familie.

maandag 29 november 2010

Het Najagen Van Wind...

"Schrijf af en toe eens iets over jezelf: een hobby, wat je hebt meegemaakt, vroeger..."

Dit schreef een lezer van dit blog een poosje geleden. In het kader hiervan is dan ook de volgende bijdrage tot stand gekomen.

Ik wil hier op deze plaats nu wat met u delen. Iets dat ik al heel lang bij mij draag. Eigenlijk al sinds mijn 14e levensjaar.

Intussen alweer zo’n drie decennia, is er iets met mij waar ik nu niet direct mee te koop loop. Niet dat het heel ernstig is hoor, maar het levert hier en daar wel eens wat fronsende wenkbrauwen op.

Het is gewoonweg niet iets wat je vol trots in een overvolle bedrijfskantine gaat roepen. Wat je op een c.v. zet en daardoor onderdeel van een sollicitatiegesprek wordt. Wat passeert als je een boeiende conversatie met iemand hebt en je veel over jezelf kwijt kunt. Nee, het ligt een beetje moeilijker moet ik erkennen.

Naaste familieleden en mensen in mijn directe werkomgeving (ook van vorige banen) weten het, aanschouwen het, en denken er het 'hunne' van. Voor de rest van de mensheid is het een gesloten boek (tot nu toe). Want laat ik eerlijk zijn, het is niet iets dat je verwacht van een volwassen vent. Het is eigenlijk nog wel een beetje een taboe, hoewel die er in onze huidige samenleving bijna niet meer zijn.

Toch heb ik maar besloten om voor het daglicht te treden. Ik ga u nu deelgenoot maken van iets wat een wezenlijk onderdeel van mijn leven is geworden. Ik kan er niet meer omheen. Dit is het moment om uit de kast te komen en een volledige bekentenis af te leggen. Nog eens diep ademhalen, nog eens één keer de eventuele gevolgen overdenken. Oké… ik doe het dan toch maar. Hier komt het dames en heren lezers van de Winkelhaak… ik speel luchtgitaar!

Zo, dat is er uit. Als zo meteen het spreekwoordelijk stof na deze knal is opgetrokken dan zal blijken hoe ik er voor sta. Ik hoop eigenlijk dat er reacties zullen zijn in de trend van: “Oh… is dat alles, ik heb een neef die dat ook doet”. Of dat iemand zal zeggen: “Jij zit daarmee, wat moet ik dan? Ik beeld graag groenten en fruit uit met als specialiteit appels uit midden- en zuid-Amerika!”.

Ook zou het fijn zijn als een gerenomeerd psycholoog zich zou melden. Die geruststellende woorden doseert door te deponeren dat er eigenlijk niets aan de hand is, zolang het mijn dagelijks functioneren maar niet beïnvloed. Alle steunbetuigingen zijn dan ook van harte welkom.

Maar er is meer, ik ben er nog niet helemaal. Want als het niveau van mijn luchtgitaarspel zich zou bewegen op dat van ‘pielen’ op een zolderkamertje, dan had u mij echt niet gehoord. Als de kwaliteit dusdanig zou zijn dat de hond van de buren al jankend en met de staart tussen de benen het hazepad kiest, dan was mijn passie al lang in de anonimiteit gestorven.

Maar de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat, in die tussenliggende tijd, mijn spel zich onwaarschijnlijk heeft ontwikkeld. Dat ik nu echt heel dicht bij de absolute wereldtop in de buurt gekomen ben!

Kijk, wellicht had u tot nu toe nog wel wat sympathie voor mij. Dacht u wellicht: “Ach, laat die jongen lekker bezig zijn en zijn ding naar hartelust uitoefenen!”. “Laat anderen maar denken wat ze willen, zolang die Jolmer er verder niemand mee lastig valt dan is het toch prima!”. Nu komen er waarschijnlijk termen bij u naar boven die synoniem zijn voor het woord arrogantie. Het zij zo.

Ik kan me dan ook heel goed identificeren met iemand als voetbaltrainer Louis van Gaal. Die merkt ook hoe goed hijzelf is en wil dat dan ook wereldkundig maken. Zijn omgeving (lees de media) willen dat maar moeizaam doorgronden en hij loopt dan ook regelmatig tegen een enorme muur van onbegrip op. Maar hij is gewoonweg een visionair, een grote leider, die jammer genoeg maar moeilijk kan omgaan met de blindheid van anderen.

Iemand die wellicht wat beter bekend is met de wereld van de luchtgitaar gaat nu ongetwijfeld de volgende vraagstelling lanceren. “Als jij dan echt zo goed bent, waarom heb je dan nog nooit deelgenomen aan het wereldkampioenschap luchtgitaarspelen?”.

Inderdaad, deze vraag is zeer legitiem te noemen. Mijn antwoord heeft dan ook alles te maken met een bepaald aspect van het spelen op de luchtgitaar waar ik minder affiniteit mee heb, dan wel minder getalenteerd in ben… namelijk het showelement. Ongetwijfeld zou ik bij deelname aan een WK, op basis van mijn spel, de voorrondes mogen overslaan en direct in de kwartfinale geplaatst worden.

Maar ik ben nu éénmaal niet een type speler die graag opvalt. Het liefst speel ik mijn partijtjes ergens onopvallend aan de zijkant van de bühne. Ik heb het niet zo op met die gasten die in hun glitterpakken de blits willen maken. Die met een veelvoud aan spastische bewegingen hun spel menen te moeten ondersteunen. De uitslovers!

Mijn motto is dan ook het clichématige 'doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg'. Tja, en daardoor diskwalificeer ik me dan zelf voor een heuse wereldtitel in mijn vakgebied. Want de ultieme hoofdprijs bij zo’n gebeuren, een gesigneerde luchtgitaar door mijn jeugdheld Eddie van Halen, is wel iets wat bij mij thuis aan de muur zou mogen hangen! Maar ik heb er intussen mee leren leven dat dit voor mij niet is weggelegd (snik).

Ook vraagt men mij wel eens of je als luchtgitarist alles kunt spelen of dat er bepaalde stijlen zijn die meer moeite kosten om ze onder de knie (lees vingers) te krijgen? Ik beheers niet alles moet ik toegeven. Experimentele jazzrock, reggea en traditionele delta-blues, om er maar eens een paar te noemen, zijn dingen die wat minder bij mij ontwikkeld zijn.

Maar zowat alle varianten van de hedendaagse rockmuziek heb ik wel in de vingers.  Stijlen als adult orientated rock (aor), poprock, gitaarrock, classic rock, bluesrock, hardrock, heavy metal, power- speed- trash- & death-metal, grindcore, symfo, neo-classical of hoe ze ook mogen heten... "You name it and I will play it!" (on air).

Ik stop nu met deze bijdrage aan mijn weblog want ik moet nog wat oefenen. Buiten een fikse portie talent is veelvuldig herhalen de basis voor het succes van de luchtgitarist. Verder moet ik voor sluitingstijd nog een setje snaren voor mijn luchtgitaar gaan halen. Oh ja, niet vergeten, ik moet ook nog even naar de apotheek voor medicijnen...

zondag 7 november 2010

Sicko

Gisteravond zond de VPRO de documentaire Sicko uit die in 2007 uitgekomen is. Deze door de Amerikaan Michael Moore gemaakte film is een aanklacht tegen het systeem van medische zorg zoals deze in de Verenigde Staten wordt gehanteerd.

Het beeld dat wordt geschetst is dat in Amerika de zorgverzekeraars er vooral niet op uit te zijn mensen de beste medische hulp te bieden welke kosten er ook aan zijn verbonden. We krijgen ex-medewerkers van zorgverzekeraars en ook medici te zien die vertellen hoe ze moesten zorgen dat de hand op de knip kon worden gehouden.

De documentaire begint dan ook met een lange reeks van schrijnende gevallen van mensen die essentiële medische hulp wordt onthouden hoewel ze daarvoor wel een verzekering hadden afgesloten. De politiek van kostenbesparing (lees winst!) door de zorgverzekaars komt dan ook helder naar voren in deze film.

Amerika is een samenleving waar men het niet zo op heeft met overheidsbemoeienis. Dat de staat zorg zou moeten dragen voor een goede betaalbare verzekering voor ziektekosten en zorg voor al haar onderdanen is dan ook voor velen een gruwel. Dat neigt al gauw naar socialisme/communisme en men ziet veel liever ziet dat de vrije markt de zorg en de medicijnverstrekking regelen.

Wat de gevolgen zijn laat filmmaker Moore ons op zijn typische manier van interviewen en het geven van droog commentaar zien. Vervolgens gaat hij de grens over om te laten zien dat het ook anders kan. Achtereenvolgens worden Canada, Engeland, Frankrijk en Cuba aangedaan.

Naar dat laatst genoemde land neemt hij een aantal mensen mee die als vrijwilliger na de 9/11 aanslagen reddingswerk hebben verricht. Ze hebben als gevolg daarvan ernstige gezondheidsproblemen gekregen maar worden in Amerika niet adequaat geholpen. Daar in het land van Castro worden ze vervolgens gratis onderzocht en waar kan geholpen. Moore geeft hiermee het Amerikaanse beleid in zake gezondheidszorg een fikse draai om de oren.

Na het bekijken van deze documentaire krijg je dan ook even het gevoel dat het hier nog niet zo slecht is geregeld. Maar ook in het huidige systeem dat we in Nederland kennen is er blijkbaar nog scheefgroei, zie dit bericht. Mijn idee van gezondheidszorg is dat er geen winstkenmerk is en de uiteindelijke kostprijs door iedereen, naar draagkracht, wordt betaald.

Is er iets met je gezondheid... dan weet je dat je in alle gevallen wordt geholpen. Heb je eigenlijk nooit wat... wees vooral gelukkig hiermee en weet dat je anderen helpt die medische zorg wel hard nodig hebben. Het solidariteitsprincipe ten top. Het doet me opeens sterk terug verlangen naar het oude ziekenfonds...

maandag 25 oktober 2010

Dichter Op De Pont















Afgelopen zaterdag hebben we als gezin Tiel bezocht. Het hoofddoel van de reis was een bezoek aan het Flipje en Streekmuseum in het kader van de gratis museumdag. Een groot aantal waren in de provincie Gelderland op deze dag vrij toegankelijk. De reis ging via Amerongen waarbij de Rijn moest worden overgestoken per veerpont.

Eenmaal op de pont gepositioneerd werden we onthaald op een kort gedicht. De dichter deelde mee dat hij dit deed in het kader van de 'week van de geschiedenis. Dit jaar stond het in het teken van land en water. In de druilerige regen overhandigde hij ons nog vier 'Rijngedichten' van eigen hand.

De dichter in kwestie bleek Roeland Schweitzer te zijn die onder de naam Schworks al zijn kunstwerken aan de man/vrouw brengt. Dit alles inspireerde mij dan weer tot het volgende korte gedicht:

Tussen Amerongen en Eck en Wiel
op de Rijn
een korte ontmoeting
van onder z'n hoed
de fonkelende ogen,
de mond die sprak
van hoe het water stroomt
dichter op de pont
wij verder van huis.

Jolmer Winkel

zondag 3 oktober 2010

Laat De Boeren Maar Dorsen!


Hij had er zich nog zo op verheugd. Samen met z’n kamergenoten zouden ze die avond voetbal gaan kijken. Sommige mensen klagen wel eens aan de overdaad aan voetbal op televisie. Het maakte hem niet uit in welk kader er werd gespeeld… eredivisie, beker, europees, 1e divisie. Hij consumeerde het graag en gretig.

Maar deze keer zou hij de aftrap niet meer mee gaan maken. Nog maar in het begin van de tweede helft van het leven klonk voor hem het laatste fluitsignaal. Als gevolg van de uitwerking van een hersentumor overleed Cor Meurs op 16 september 2010, nog maar 61 jaar oud. Het ziekenhuis zou hij niet meer mogen verlaten. De wedstrijd werd nu voor hem voor altijd stilgelegd.

Drie jaar eerder was hij vervroegd uitgetreden. Twee jaar mocht ik z’n collega zijn bij de firma CSK. Het waren voor mij twee mooie jaren waarin hij een belangrijk aandeel heeft gehad. Op 2 januari 2006 was onze eerste ontmoeting een feit. Die datum was mijn eerste werkdag bij genoemde firma. Cor nam mij mee naar de afdeling en verzocht mij even later iets te gaan vragen bij de operators in de regelkamer.

Toen ik op de plaats van bestemming was gekomen bleek hij daar ook al te zijn! Ik was verbaasd over deze wel heel onwaarschijnlijke verplaatsing en het nut van mijn uitzending. Tevens bleek er bij hem in de korte tussentijd een snor te zijn gegroeid. De verwarring duurde maar kort toen me realiseerde dat het niet Cor was die hier stond. De man gaf me een hand en noemde z’n naam. Het bleek een broer van Cor te zijn die op een andere plek binnen het bedrijf werkzaam was.

Vanaf dag één klikte het tussen Cor en mij. We hadden weinig woorden nodig om tot het gewenste resultaat te komen. “Doe jij dit dan, dan doe ik dat wel” en we gingen aan de slag. Overleg bestond meestal dan ook uit enkele woorden spaarzaam uitgesproken. We wisten wat er moest gebeuren en pakten aan zonder dralen.

Buiten het werken pasten we ook qua persoonlijkheid heel goed bij elkaar. Veel dingen voelden we instinctief van elkaar aan. Diepgaande gesprekken tussen ons zijn er weinig geweest. Cor was niet zo scheutig met het ventileren van z’n zieleroerselen. Er waren beslist dingen waarvan ik voelde dat ze hem bezighielden. Maar ik vroeg er niet naar en hij zweeg er over. Het was goed zo.

Cor was ook de man van opmerkelijke uitspraken. “Er is altijd werk… als je het maar zien wilt” was er zo één. Het bleef niet alleen bij uitspreken, je zag hoe hij het in de praktijk ten uitvoer bracht. Op de momenten dat er geen produktie was pakte hij nog maar eens de waterslang.

Hij zocht de plekjes, door anderen veelal genegeerd, en onderwierp deze aan een grondige reiniging. Een volle prullebak werd nog even geleegd, de voorraad chloor op de afdeling aangevuld. In de kantine was de trommel met koffie ook alweer bijna leeg. Buiten werden nog wat rondslingerende papiertjes opgeraapt en de veelvoud aan lege pallets netjes soort bij soort gesorteerd.

Niet iedereen had deze gave. Sommige konden struikelen over een pakket, dat op het looppad was geplaatst, maar kwamen niet op het idee deze te bezorgen bij de geadresseerde. Ook de werkzaamheden van een postbode rekende Cor tot zijn takenpakket.

Een andere veel gebezigde uitspraak van hem was: “Laat de boeren maar dorsen!”. Hierin zat eigenlijk zijn hele arbeidsethos gebundeld. Stedelingen kunnen soms erg neerbuigend doen over mensen van het platteland. Al gauw krijg je het etiket van ‘boer’ opgeplakt. Maar deze mensen staan wel aan de basis van een gezonde maatschappij.

Het doet mij denken aan stickers achterop auto’s van agrariërs geplakt met de tekst: “Zonder boeren geen toekomst”. Dit zijn juist de mensen die door hard werken de ruggegraat vormen van een samenleving die vooruit moet. En zo’n boer was Cor.

Hij had dan wel niet veel scholing genoten en deed niet het meest ingewikkelde werk, maar het vergde wel doortastendheid, toewijding en vooral liefde voor het vak. Hij bezat het allemaal. Dat kon niet altijd gezegd worden van de mensen die hij had zien passeren in de loop der jaren. Goed opgeleide mensen met uitgesproken ambities. Menigeen voldeed niet aan de norm die Cor aan het werk had toebedeeld. Het moest worden gezegd, de lat van Meurs lag hoog.

Als er iemand nieuw op de afdeling was dan vroeg de chef al gauw aan Cor: “Is het wat?”. Cor zijn bevinding was vrijwel altijd doorslaggevend over het aanblijven of niet. Tegen mij zei hij eens dat het hem al dadelijk opviel hoe ik de vloer ontdeed van de kleinste ongerechtigheden. Hij herkende in mij al direkt de dingen waar hij ook voor stond als het op werken aankomt. We sloten al gauw stilzwijgend een pact en hebben samen heel veel werktijd al dorsend doorgebracht.

Formeel had Cor geen leidinggevende functie. Op papier was hij enkel en alleen operator van beroep. Maar wat sommigen niet zagen was hoe hij op de achtergrond heel veel dingen in de peiling had en ook regelde. Soms ging dit rechtstreeks en soms door inschakeling van iemand anders.

Menigmaal benaderde hij mij omdat zag dat een hoofdverantwoordelijke zijn plicht verzuimde en er daardoor problemen gingen onstaan. Verder ging er een enorme stimulerende werking van zijn aanwezigheid uit. Met z’n hele hebben en houden gaf hij sturing aan de mensen om hem heen.

De passie waarmee hij bezig was werkte ook wel eens tegen hem. “Zo, we gaan er weer lekker opbeuken” sprak hij menigmaal. De koffie was genuttigd en Cor stond altijd als eerste op. Hij gaf het voorbeeld en ging voor. Het was zijn boodschap aan de mensen die te laat op de afdeling kwamen en vaak als eerste weer in de kantine zaten.

Het tempo zat er direkt goed in. Hij was de meesterknecht, die voorop in het wielerpeleton de koers hard maakt. Maar vaak ging hij te lang door. Doseren was niet z’n sterkste punt. De pauzes waren variabel en gekoppeld aan het tijdstip dat de grondstof was verwerkt. Als het te lang dreigde te duren ging ik tussentijds een boterham nuttigen. Cor echter ging door en kwam zich later dan zelf tegen met een te lege maag.

Een reguliere werkdag was net lang genoeg om op kop door te blijven stoempen. Maar dan verdween de nestor uit zicht om zich de volgende ochtend vroeg alweer vooraan het peleton te melden. Anderen (steevast de 'de jonkies' door hem genoemd) mochten het karwei afmaken als er meer tijd nodig was om het werk goed af te ronden.

Soms kon Cor verrassend uit de hoek komen. Ik herinner me een monoloogje van hem tijdens een koffiepauze die ongeveer zo verliep: “Die verdediging van Ajax was weer bedroevend... Zou je mij de suiker even kunnen geven?… We hebben gisteren ook een huis gekocht… Ik ga zo de pelletizer wel reinigen. Is er trouwens nog genoeg chloor op de afdeling?" Over het zoeken naar een ander huis wist niemand iets en nu dropte hij het plompverloren in de groep.

Nu is hij er niet meer. Niet lang heeft hij van z’n pré-pensionering mogen genieten. Wat blijft zijn de goede herinneringen aan een man die tevreden was, nooit een onvertogen woord over anderen bezigde. Trouw was in z’n werk en er voor zorgde dat anderen ook plezier er in hadden.

Wat ook blijft is het beeld van z’n witte pet, broek en trui, waarover de bretels liepen die hij altijd droeg. Daar plaatste hij dan graag z’n duimen achter om ze dan eens flink op te rekken. Daarna volgde er steevast één van z’n fameuze uitspraken zoals bijvoorbeeld het eerder genoemde: “Laat de boeren maar dorsen!”.

Maar aan de levensarbeid is voor hem een einde gekomen. In de 61 jaar die hem gegeven zijn heeft hij zijn bijdrage wel geleverd. Deze ‘boer’ is er nu niet meer. Wat wel voortleeft is zijn positieve visie op het leven, waar ook werk een belangrijk onderdeel van mag zijn. Velen, waaronder ik, mocht hij tot inspiratie zijn. En dat is nodig... want voor ons achterblijvers valt er nog heel wat dorswerk te verichten.

zondag 26 september 2010

Herfstwandeling






















Vandaag met ons gezin een wandeling gemaakt door het Kernhemse bos. De herfst heeft al goed zichtbaar z'n intrede gedaan. Er waren opvallend veel paddestoelen te zien in diverse varianten. Deze vonden we erg mooi en is dan ook op de foto gezet. Binnenkort nog maar eens proberen te achterhalen om welke soort het hier gaat.